Lewenborg 2 - H & O 2

De partij aan het eerste bord duurde slechts enkele minuten. Beide spelers bleken goed op de hoogte van de theorie van de Tarrasch variant van het Frans, zodat reeds om acht uur de handen konden worden geschud. Een van de spelers gaf aan dat hij de variant ooit van Rein Hubel had overgenomen. Rein was lang geleden een van de jeugdtrainers van de NOSBO. De onderstaande analyse is van Mario. Zijn tegenstander heeft liever niet dat eenvoudig te vinden is dat hij deze variant met veel succes speelt zodat op zijn verzoek zijn naam niet bekend wordt gemaakt.

Het belangrijke vierde bordpunt voor Lewenborg werd gescoord door Douwe Pol. Douwe leverde de volgende partij in.

De laatste partij was de partij tussen Boudewijn en Bob Dröge. Deze partij werd na lange strijd op fraaie manier gewonnen door Bob, de eindstelling verdient eigenlijk wel een plaatje. Ik heb nog nooit zo'n sterke octopus paard op d2 zien staan. De einduitslag van de wedstrijd werd zodoende 4-4, een uitslag waar de beide teamleiders wel tevreden mee waren.

Lewenborg - Assen 3

   Lewenborg           1799 - Assen 3            1584 7½ - ½
1. Hiddo Zuiderweg     1892 - Abedin Heij        1467 1  - 0
2. Klaas Dijkhuizen    1877 - Wout Knol          1786 1  - 0
3. Aldert-Jan Grashuis 1853 - Waheeb Qatina      1622 ½  - ½
4. Roy Bons            1844 - Gerard Voorintholt 1630 1  - 0
5. Ramon Middeljans    1836 - Jacob Dijkstra     1529 1  - 0
6. Jan Wiebe van Veen  1712 - Martinus Spriensma 1470 1  - 0
7. Piet Beetsma        1693 - Johan Geerts            1  - 0
8. Albert Prins        1683 - Tim Koussemaker         1  - 0

De uitslag en het ratingverschil doet geen spannende wedstrijd vermoeden. Maar toen ik om tien uur wat rondkeek was de strijd op alle borden volop aan de gang en hing er geen vette uitslag in de lucht. Een half uur later werd opeens de ene punt na de andere voor Lewenborg binnengehaald. De laatste drie borden van Assen hielden de strijd het langst vol !

Er zijn nog geen partijen bekend maar mij is beloofd dat er partijen worden ingeleverd.

 

Lewenborg - Leek NOSBO beker

Gisteravond, 15 november, stond de eerste bekerwedstrijd van Lewenborg 1 op het programma.  Het met name aan de topborden sterkere Leek (bijna 200 ratingpunten) de tegenstander, gemiddeld echter slechts 24 punten. In elk geval betekende het, dat er hard geknokt moest worden om de winst binnen te slepen. Tenminste, dat zou je van te voren denken. 

Van de zenuwen slaap ik tegenwoordig altijd slecht van de maandag naar de dinsdag, maar als dat vrijwel elke week gebeurt, mag je het als het ‘nieuwe’ normaal beschouwen. Wat kwaliteit en inspiratie betreft, lijkt het nog niet direct schadelijk. De openingen leveren meestal maar weinig problemen op, maar in de slotfase komt de vermoeidheid – andere redenen wil ik nog niets van horen - wel steeds vaker aan het licht. Het zij zo.

 We beginnen met partij 4. Ramon Middeljans (wit; 1836) – Martien Veldman (1727). Hiervan heb ik niet veel mee gekregen, omdat ze een beetje in een lastig te bereiken hoek van de zaal zaten. Wel vond ik Ramon ergens in de middenfase wat moeilijk staan en schatte het remiseachtig in. Desondanks stond hij opeens naast mijn bord en meldde me dat hij gewonnen had. De wijze waarop is me dus totaal ontgaan.

We gaan verder met bord 3. Aldert-Jan Grashuis (z) tegen Pieter Doller, die ik al vanaf mijn puberjeugd met enige regelmaat tegenkom. Beide hadden 1853 ratingpunten en dan ligt remise in de verwachtingen. Ook van deze partij heb ik niet zoveel van meegekregen, maar vermoedelijk wel het beslissende moment. Volgens mij kon Aldert-Jan op de 30e zet beslissend voordeel bereiken na a4 van wit. Met Pc5 is aanval op dame en pion a4 mogelijk en het is in theorie een technisch gewonnen eindspel. Of Aldert-Jan dit ook daadwerkelijk heeft gespeeld, is mij niet bekend. In elk geval hoorde ik wel korte tijd later dat ook punt 2 door hem was binnen gesleept. ‘Nu nog een halfje’, was de gedachte, ‘en we zijn een ronde verder en een sterke concurrent kwijt.’

We gaan nu eerst naar bord 1. Hier zat Hiddo Zuiderweg (1892) met zwart tegen Erwin Heijnen (1967) een puike partij te spelen. Als zo vaak was het positioneel weer tip-top wat Hiddo liet zien. Langzaam maar zeker werd wit op de damevleugel helemaal weggedrukt naar de onderste rijen. Pionnen op b4 en c4, een paard wat eventueel naar e4 kon en het wachten was op een kansrijke doorbraak via veld c3. Dat feest ging echter niet door. Hiddo koos voor een veilige afruil op de diagonaal h1-a8, wikkelde af naar een zekere, maar wel gelijkstaand eindspel. Het werd remise. Leek werd daardoor echter wel de beslissende tik toegebracht. Tussenstand 2½-1½. We waren door.

Dan het laatste bord. Ikzelf dus. Mijn tegenstander Sander Westerlaan, in rating 1877 tegen 1998, maar daar had ik geen flauw idee van. Het was tot op zekere hoogte een bijzondere partij. Wonderschoon zelfs voor een groot gedeelte. Geïnspireerd door Carlsen, die een Trompowski speelde in de WK-match, koos ik ook na d4, Pf6 weer eens voor Lg5. Gelukkig heb ik daar lang geleden eens een studie van gemaakt. Sander koos wat tam voor de fianchetto op de konings-vleugel en dat betekende dat ik al na zes zetten de opmars e5 kon spelen. Volgens mij heb ik daar wel een half uur over nagedacht en kwam in een duizelingwekkend aantal varianten terecht. Ik speelde het toch vanwege het anders zinloze denkwerk en op basis van intuïtie en dynamisch spel. Op zet acht, twee zetten later dus, dacht ik echter dat ik veel te veel risico had genomen. Een pion achter en een ogenschijnlijk veel slechtere stelling. Teleurgesteld droop ik eerst maar eens af richting toilet, bijna met schaamte zelfs, omdat ik snel dacht te gaan verliezen. Drie zetten later begon het waardeloze gevoel om te slaan in euforie. In de stelling zaten talloze mogelijke combinaties met kans op materiaalwinst. Zeker nadat Sander de pion voorsprong vrij snel weer terug gaf. Tot mijn eigen verbazing bleek de stelling dus opeens werkelijk in alle varianten gewonnen te zijn. Ook bij Sander begon de ernst na de 13e zet duidelijk door te dringen. Ook hij verzonk meer dan een half uur in diep gepeins.

 ‘Rien ne va plus’, was eigenlijk het motto bij hem. Alleen direct mat voorkomen en zolang als mogelijk geen materiaal verliezen was zijn doelstelling. Het hielp eigenlijk niet. Machteloos was hij en bleef hij. Koning muurvast in het centrum, de torens machteloos in de hoeken. Het was echt een kunstwerk en deze naderde langzaam maar zeker en met vaste hand zijn voltooiing. Toen ik op de 29e zet mijn toren offerde op h7 met pionwinst en bij aanname dreigend mat zou volgen, was de verwachting dat hij me nu zeker de hand zou schudden. Hij koos toch nog even voor het pareren van het mat. Het gevolg was, dat ik daardoor opeens de kluts kwijtraakte. De stelling was nog steeds totaal gewonnen, eigenlijk simpel zelfs. Maar de klok en de eindeloze mogelijke combinaties eisten echter zijn tol bij me. Ik wikkelde onnodig af naar een overzichtelijk eindspel. Wel met ongelijke lopers, maar met een pionnetje meer en kansrijk, was de gedachte. Langzaam glipte de stelling echter uit mijn vingers. Een laatste foutje van mijn kant betekende de remise.  Een schrale troost waren de punten van mijn clubgenoten en het bereiken van de volgende ronde. Kunstwerken mogen echter niet zo eindigen en dus was het geen kunstwerk.

Weer eindigde de dag zoals hij begon. Nu ook nog met een continu malend hoofd met de stelling na de 29e zet en weer met een bijzonder slechte nachtrust. Wat is het toch een mooi rotspel af en toe.

DAC 2 - Lewenborg 3

Van de wedstrijd tussen DAC 2 en Lewenborg 3 heb ik niet veel gezien. Mijn partij was zeer spannend, op zet 12 sta ik 2 volle stukken achter in de overtuiging een gewonnen partij te spelen.

NOSBO-Beker, Van der Linde 1 - Lewenborg 2 (2½-1½)

Het tweede bekerteam van Lewenborg mocht aantreden tegen het eerste bekertam van Van der Linde. Het was al vast een voorproefje voor de NOSBO-competitie, want beide teams zitten ook samen in klasse 1B. Door afzeggingen van Peter, Mario, Johan, Jan D en Fred mocht Jan S invallen en waren Rudy en ik vooraf van mening dat we waarschijnlijk te verzwakt waren om te kunnen winnen. 

In de auto van Rudy reden we naar Winschoten waar we ontvangen werden in een oud verenigingsgebouw. Het bracht mij terug naar de jaren zeventig, waar ik in een soortgelijk gebouw op de lagere school heb gezeten. Het enige nadeel was de houten vloer. Deze had dusdanig weinig fundament dat ik het zenuwachtige getril van mijn tegenstander duidelijk kon voelen. Hij had gedurende de partij voldoende aanleiding om te blijven trillen, en een groot deel van de avond zat ik mee te deinen. Uiteraard is dat geen excuus om niet de volle winst te pakken.

Bij de bekendmaking van de uiteindelijk opstelling bleek dat ook Van der Linde 1 niet op volledig sterkte aanwezig kon zijn. Zo speelde niet Raymond Oord (1915), maar Jan Oord (uit het 2e team) en ook Jos Staats (1687) en Jan Pieter Koppenwaal (1628) deden niet mee. Onze kansen stegen dus enigszins.

Qua rating was alleen het tweede bord volledig in evenwicht. Op de borden 1 en 3 begonnen we met een gemiddelde achterstand van 121 ratingpunten en op bord 4 was er een licht overwicht van ratingpunten. De verwachte score bedroeg dus net 1,75 punt. Een kleine nederlaag lag dus in het verschiet, maar een 2-2 hoorde tot de mogelijkheden. Dat we onszelf daarmee tekort zouden bleek tijdens de wedstrijd, waardoor we helaas een kleine overwinning door de vingers lieten glippen. Als Boudewijn en Rudy remise hadden gehouden en ik had gewonnen zouden we zijn vertrokken met een 3-1 overwinning..... maar "als" telt niet.

Op bord 1 had Rudy gelijke kansen tegen Ardin Bosboom totdat hij onnodig eerst een pion weggaf. Na deze achterstand verzuimde hij tweemaal om een pion op de b-lijn te ondersteunen. Na het opnieuw onnodig weggeven van een pion, pakte hij op de 37e zet precies de verkeerde toren vast, moest daarmee dus verplicht zetten en ging kansloos ten onder.

Bord 1: Rudy Frieswijk (1720), Ardin Bosboom (1847) 0-1
B06/14, Robatsch verdediging
stelling na 36... Th7 - pak de juiste toren.....
1.e4 g6 2.d4 Lg7 3.Pf3 d6 4.h3 Pd7 5.c4 e5 6.d5 Pe7 7.Pc3 O-O 8.b4 a5 9.b5 f5 10.Ld3 Pf6 11.a4 fxe4 12.Pxe4 Pf5 13.Lg5 h6 14.Lxf6 Lxf6 15.Pxf6+ Dxf6 16.O-O Kh7 17.Ta3 Ph4 18.Le4 Lf5 19.Dd3 Pxf3+ 20.Dxf3 Dg5 21.Lxf5 Txf5 22.Dg4?! (kost een pion) 22...Dxg4 23.hxg4 Tf4 24.Tc1 Txg4 25.c5 Tg8 26.b6 Tg7 27.cxd6?! (27.Td3 was beter, dit voorkomt ook ... Tb4.) 27...cxd6 28.Tc7?! (ook nu was 28.Tb1 beter geweest.) 28...Tb4 29.Tf3 Txb6 30.Tc8 Tb1+ 31.Kh2 Td1 32.Tff8 g5 33.Tce8 Txd5 34.Th8+ Kg6 35.Te6+ Kf7?! (kost een pion) 36.Thxh6 Th7 (en hier pakt Rudy de toren op h6 vast met het plan om schaak te geven op f6. Hij zag bij het vastpakken dat de toren gepind stond en had dus geen keus meer dan te slaan. 37.Txd6 was de aangewezen zet geweest.) 37.Txh7+? Kxe6 38.Txb7 Td4 39.Tg7 g4 40.f3?! gxf3 41.gxf3 Txa4 en Rudy geeft op.

Op bord 2 mocht ik zelf aantreden, en als je tegen de 1700 aanzit mag je de winst niet zo weggeven zoals ik heb gedaan. En dat niet eenmaal, maar driemaal! Na wat schoonheidsfoutjes in de opening krijg ik een gewonnen stelling waarin wit helemaal vaststaat en alleen met zijn toren kan bewegen. Nadat ik te rigoureus aan mijn aanvalsplan vasthield om de witte a-pion op te halen en binnen te dringen in de witte stelling, werd de stelling weer gelijk getrokken. Opnieuw kreeg ik winstkansen. Het nieuwe plan was duidelijk: druk mijn a-pion over de lijn... maar nadat ik ditmaal van dat aanvalsplan afweek en een nieuw plan koos, namelijk om de e-pion te veroveren, werd de stelling opnieuw gelijk. Daarna kreeg ik een derde kans om weer terug te keren naar het tweede plan, de a-pion over de lijn drukken, en zo te winnen, koos ik, ter afwisseling, er stug voor vast te houden aan mijn gewijzigde plan, met remise tot gevolg.

Bord 2: Jarek Krawczyk (1700) - Douwe Pol (1699) ½-½
D02/16, Damepion Opening, Zukertort variant, Symmetrische variant, Londen systeem.

1.d4 d5 2.Pf3 Pf6 3.Lf4 e6 4.e3 Ld6 5.Lg3 (laat ik nu net tegen Klaas in de interne competitie eenzelfde structuur hebben gehad. Dit had na het slaan van de loper op g3 een grote aanval op de koningsvleugel tot gevolg. Ik stel het slaan met de loper nog even uit en wil met het paard op f6 uiteindelijk de loper gaan slaan. Tot 5.Lg3 reikt de theorie. 5... c5 is de aangewezen zet) 5...h6 (het idee was hier om na 6... Pe4 7. Lh4 met 7... g5 te kunnen antwoorden) 6.Ld3 Pe4?! (het oorspronkelijke plan, alleen is het nu niet zo goed) 7.Pbd2?! (beter was 7.Lxe4 Lxg3(7...dxe4 8.Pfd2 verliest of de pion of ruïneert de stelling na 8...f5?! 9.Dh5+ Kf8) 8.hxg3 (8.Lxd5 Lxf2+ 9.Kxf2 exd5) 8...dxe4 9.Pfd2 verliest opnieuw de pion)) 7...Pxg3 (het moet er toch een keer van komen) 8.hxg3 c5 9.c3 Pc6 10.g4 (de opmaat voor een aanval op de koningsvleugel) 10...e5 (in plaats van verdedigen op de koningsvleugel kies ik voor de tegenaanval in het centrum, de pion op g4 wordt aangevallen en er dreigt e4). 11.dxe5 Pxe5 12.Pxe5 Lxe5 13.f4 Ld6 14.g5?! (ziet er op het oog goed uit maar is het niet) 14...De7?! (niet de beste voortzetting, geeft weliswaar druk op e3, maar 14...c4 15.Lc2 Db6 geeft druk op b2 én e3! Ik durfde niet kiezen voor 14.c4 omdat ik dan veld d4 vrijmaak voor het witte paard.) 
stelling 1, na 43.Ta3??Zwart wint met het juiste plan....
15.De2 Ld7 16.O-O-O O-O-O 17.gxh6 Txh6 18.Txh6 gxh6 19.Df2 h5 20.Te1 f5 21.Pf3 Te8 22.Dc2 Df6 23.a4 c4 24.Lf1 Lc5 25.Pd4?! (lijkt logisch maar kost een pion (25.Pe5 Dh4 26.Kd1 Le6)) 25...Lxd4 26.cxd4 Dc6?! (met de bedoeling om a4 te veroveren, (26...Dh4 27.Kd1 Dg3 28.Kd2 Df2+ 29.Kd1 Dxc2+ 30.Kxc2 Lxa4+ levert ook de pion op)) 27.a5 Tg8 28.Kd2 Da4 29.Dxa4 Lxa4 30.Kc3 Kd7 31.Ta1 Lb3 32.a6?! b6?! (met de bedoeling om het binnendringen van de toren via a5 te verhinderen, iets nauwkeuriger was volgens de computer 32... b5 met 33.Kb4 Kc6) 33.Kd2?! = (met remiseaanbod. Overtuigd dat ik beter stond probeer ik de witte stukken nog meer te binden) 33...Tg3 34.Ke2 (de witte loper kan niet eerder in het spel komen dan nadat de witte koning g2 heeft gedekt.) 34...h4 35.Kf2 Lc2 36.Ta3?! (beter was 36.Le2 met de bedoeling 37.Lf3.) 36...Le4 (nu kan de witte loper nog steeds niet weg.) 37.Tc3?! (32.Ta1 was nauwkeuriger omdat nu de b-pion verder kan oprukken) 37...b5 38.Ta3 Kc6 39.Ta5 Kb6 40.Ta1?? (het alternatief was 40.b4, zwart kan niet en-passant slaan vanwege 41.Txb5, maar 40.b4 geeft de c-pion wel vrij baan.) 40...b4 41.Ta4?? Kb5 42.Ta1?? (42.b3 was nauwkeuriger) 42...b3 (zwart doet alles goed....)  43.Ta3?? (zie stelling 1. En nu komt het, laat op de avond, aan op nauwkeurigheid. Zwart staat totaal gewonnen. Het plan is eenvoudig via Tg6 de a-pion op te halen, en al dan niet na torenruil, danwel binnen te dringen in de witte stelling of door te stoten met de c-pion.... Het alternatief is doorstoten met de c-pion en de b-pion over de streep drukken. Daarvoor is uiteraard 43... Kb4 bij mij opgekomen, maar omdat ik dan de a-pion loslaat komt het plan om de a-pion op te halen op de lange baan. Soms zit je zo diep in je plannen dat je je totaal niet meer bewust bent van de penning van pion c4, en stug vasthoudt aan je plan om de a-pion op te halen !!!!!!) 43...Tg6?? (nu is het plan ineens een afgrijselijke blunder geworden....) 44.Txb3+ Kxa6 45.Ta3+?? (dit lijkt allemaal logisch, maar is het niet.) 45...Kb6?? (dit is dan niet de oplossing omdat de toren op g6 niet mee kan doen. 45...Kb7 46.Ta2 Ta6 en zwart komt uiteindelijk de witte stelling binnen ter ondersteuning van de c-pion. Na 46...Tb6 dreigt zwart na 47... Lb1 de b-pion te slaan) 46.b3?! Ld3?(nog van slag van 44.Txb3 geef ik het voordeel helemaal weg. Na 46.Tc6 kan de c-pion na het wederzijds slaan op c4 voor meer gevaar zorgen dan de vrije d-pion van wit die door de zwarte loper in bedwang wordt gehouden.) 47.bxc4 47...Lxc4 
stelling 2, na 53.Tb5?? Kies het juiste plan voor zwart ....
48.Ta4?? nieuwe kansen voor zwart na deze blunder, wit had de loper op c4 moeten slaan) 48...Lxf1 49.Kxf1 a5 (en zwart heeft een mooie vrijpion....) 50.Kf2 Kb5 51.Ta1 a4 52.Kf3 Kb4 53.Tb1+ Kc3 54.Tb5?? (zie stelling 2: Zwart staat weer volledig gewonnen.   Het plan is eenvoudig... druk de a-pion over lijn! 54... Ta6 dus! of 54... a3, keus genoeg. Zelfs 54... Kc4 was een goede optie...., maar blijkbaar de vorige les ter harte genomen: kijk naar alternatieven en houdt niet rigoureus vast aan je plan, heb ik een nieuw plan en speel ...)
54...Kd3?? (het nieuwe plan is: pak de pion op e3! In deze vlaag van verstandsverbijstering laat ik voor de tweede keer de winst liggen!). 55.Txd5?? (en nu krijg ik voor de derde keer de mogelijkheid om de winst te pakken met mijn oorspronkelijke plan: druk de a-pion over de lijn, opnieuw dus 55.... Ta6! Maar nee, voor de tweede keer blijf ik hangen en strikt gefocust op het plan op de pion op e3 te pakken, het blijkt een slecht plan!) 55...Tg3+?? 56.Kf2 Txe3 57.Ta5 (en weg is de vrijpion en weg is de winst!) 57...Te4 58.Txa4 Txf4+ 59.Kg1 Txd4 60.Ta3+ Ke2 (ik laat mij afsnijden van de pionnen, maar de computer geeft ook deze stelling potremise.) 61.Tf3 f4 62.Kh2= (en wit biedt remise aan). 1/2-1/2 

Op bord 3 mocht Jan S invallen. Zijn tegenstander Sander kwam met licht voordeel uit de opening, maar koos op een verkeerde verdediging op het binnendringende witte paard. Dat kostte direct een toren en Jan stond op winst. En hoe meer de aanval van Jan doorsloeg, hoe chagrijniger zijn tegenstander werd. Na is dat logisch, maar helaas liet hij dat in woord en spel blijken. Hij maakte een aantal vervelende opmerkingen naar Jan, over het feit dat hij hem de mogelijkheid gaf om hem mat te zetten. Jan bleef zich keurig glimlachend inhouden, en bleek naderhand nog vol te zitten van de Amerikaanse verkiezingen, en de woorden van Trump konden hem, net als die van zijn tegenstander niet meer raken. Jan zag in de stelling van Rudy de door Trump beloofde "Mexican wall", en bij zijn eigen partij kwamen in hem de woorden "grab h(er)im by the pussy" op.... En dat deed hij. Jan weigerde zijn tegenstander mat te zetten (al dan niet bewust) waardoor de ergernis van zijn tegenstander steeds meer toenam. Hij kon uiteraard zelf een einde maken aan zijn frustraties door op te geven, maar weigerde dit om onduidelijke redenen. Jan gaat niet in op de mogelijkheden tot mat. Op de 38e zet mat in 8, op de 44e zet mat in 7 op de 48e zet mat in 2!, op de 49e zet mat in 10, op de 50e zet mat in 7, op de 51e zet mat in 10, op de 59e zet mat in 1! en maakt het pas op de 60e zet af met mat in 3. 

bord 3: Jan Schut (1529) - Sander Kletter (1644) 1-0
D30/17, Damegambiet, geweigerd, Traditionele variant.

1.d4 e6 2.c4 d5 3.Pf3 Pf6 4.Lg5 Le7 5.e3 O-O 6.Ld3 c6 7.Dc2 Pbd7 8.Pc3 h6 9.Lf4 b6 10.Pe5 Lb7 11.h3 Tc8 12.g4? dxc4  
stelling 1, na 20.Ld3
13.Le2 c5 14.Tg1 Ph7? (en zwart geeft zijn voordeel weer weg. 14... Pd5 was de aangewezen zet) 15.O-O-O Pxe5 16.dxe5 De8 17.Lxc4 a6 18.Pe4 Dc6?! 19.Pd6 Tcd8?? 20.Ld3 (en wit dreigt niet alleen het paard op h7 met schaak te winnen, maar ook de loper op b7 na 21.Le4) f5?? (dat was niet de oplossing, maar ook na 20.... Pg5 21.Lxg5 hxg5 22.Lh7+ Kh8 23.Le4 wint wit een stuk) 21.gxf5 Lxd6 22.exd6 Txf5?? (Dit is direct verliezend, en daarom niet helemaal nodig, maar ook bij andere zetten verliest zwart een toren, ook na 22... Pg5 23.Lxg5 hxg5 24.fxe6 en ook na 22... c4 23.Lxc4 Txf5 24.Lxh6 g5 25.Lxe6+ komt zwart een toren achter. Er is echter nog wel enig tegenspel mogelijk.) 23.Lxf5 exf5 24.Dxf5?? (maakt van een groot voordeel een minder groot voordeel: 24.Dc4+ Kh8 25.Lxh6 (zwart mag niet slaan vanwege Dc3+ en mat in 3, maar ook 24.Lxh6 Txd6 25.Dc4+, leidt tot winst)  
24...Dd7 25.Dxd7 Txd7 26.Lxh6 Pf6 27.Txg7+ Kh8? (beter was Txg7) 28.Txd7? (beter was eerst 28.Tdg1) Pxd7 29.Tg1 Lc6 30.f4 Kh7 31.Lg5 Le4 32.Le7 c4 33.h4 b5 34.Tg5 Lg6 35.f5 Lf7?! 36.e4 Pe5?? 37.f6 (ook 37.Lf6 leidt tot winst) Pd3+?? 38.Kd2 Le8?? (dat Jan hier geen mat in 8 ziet kunnen we hem waarschijnlijk niet verwijten, 39.d7 Lxd7 40.f7 c3+ 41.bxc3 Pf2 42.Tg7+ Kh6 (42... Kxg7) 43.f8=D+ Kg6 44.Df6+ Kh7 45.Df7+ Kh6 46.Lg5#) 39.e5 Pf4?? (er is nu geen houden meer aan, 39.Pxe5 had nog voor uitstel gezorgd) 40.Kc3?? (40.Tg7+ had de winst bespoedigd) a5 41.b3?? (geeft zwart de kans met 41... Pe6 het winnende veld g7 af te dekken) cxb3?? (en weer 42.Tg7+ voor de winst) 42.a3?? (blijkbaar heeft Jan, net als Douwe op bord 2, een plan in zijn hoofd op de damevleugel en houdt daar aan vast, alle aandacht is weg voor de beide pionnen op d6 en f6 die voor de winst kunnen zorgen!) a4 43.Tg7+ (gelukkig maar.....dit had 3 zetten eerder gekund, de aandacht is terug op de koningsvleugel en het centrum) Kh8 44.f7 Kxg7?? (is opnieuw mat in 7) 
bijna alle zwarte stukken staan naast het bord
45.fxe8=D Pd5+ 46.Kb2 Pb6 47.Lf6+ Kh7 48.Dh8+?? (misschien begrijpt Jan nu de ergernis van zijn tegenstander en de opmerkingen dat hij zijn tegenstander (Jan dus) de mogelijkheid wilde geven om hem mat te zetten. Jan maakt daarvan dus een aantal malen geen gebruik. Na 48.Df7+ Kh6 49.Lg5# is het uit) Kg6 (nu is nog steeds mat in 10 mogelijk) 49.Dg7+ Kf5  
50.Dg5+?? (en weer weigert Jan in de ogen van zijn tegenstander om hem mat te zetten. 50.d7 Pxd7 51.Dxd7+ Kf4 52.e6 b4 53.e7 bxa3+ 54.Kxa3 ... en na 54... Kf3 55.e8=D Kf2 56.Dg4 ... 57.Dee2#) Ke4 (is mat in 10 na 51.d7) 51.e6 Pc4+ 52.Kc1 b2+ 53.Lxb2 Pxb2 54.Kxb2 Kd4 55.Dxb5 Ke4 56.Dxa4+ Ke5 57.e7 Kxd6 58.e8=D (Rudy stelde later voor dat hij de ergernis van de tegenstander zou hebben vergroot door 58.e8=P+ te kiezen! Ook dat levert nog mat in 6 op.) Kc5?? 59.Dh5+?? (de tegenstander loopt bijna rood aan van woede, waarom geen mat in 1 met 59.Dec6#!!!!!) Kd6 60.Da6+ Kc7 61.Df7+ Kb8 62.Dfb7# 1-0 Op bord 4 mocht Boudewijn een partij uitvechten tegen Jan Oord. Blijkbaar waren ze beide grote kenners van het Grunfeld-Indisch want de partij leidde na 13 zetten tot een theoretische stelling van de Sevilla variant, en na zet 15 tot een theoretische stelling van de Tsjechische variant. Bord 4: Jan Oord (1432) - Boudewijn Hoogeboom (1496) 1-0 D86/06, Grünfeld-Indische verdediging, Ruil variant, klassieke variant Tsjechische variant. 1.d4 Pf6 2.c4 g6 3.Pc3 d5 4.cxd5 Pxd5 5.e4 Pxc3 6.bxc3 Lg7 7.Lc4 O-O 8.Pe2 c5 9.O-O Pc6 10.Le3 cxd4 11.cxd4 Pa5 12.Ld3 b6 13.Tc1 Lb7 (hier wijkt Boudewijn als eerste af van de theorie. Dit is de theorie van D88/05, Grünfeld-Indische verdediging, Ruil variant, klassieke variant, Spassky variant, Sevilla variant. De ECO geeft aan dat wit na 14.d5 beter staat. Normaal wordt 13... e6 gespeeld.)
stelling na 39.... h5?! - de juiste voortzetting was 39.... bied remise!
14.f3 Pc6 15.Lc4 (nu zijn we opnieuw beland in een theoretische stelling, ditmaal dus van de bovengemelde Tsjechische variant) e6 (een variant in de voetnoot) 16.Dd2 (en hier wijkt Jan af, de voortgang met d5 staat vermeld in de ECO) Tc8 17.Tfd1 Pa5 18.Ld3 Dd7 19.Txc8 Txc8 20.Tc1 Td8 21.Tc2 Pc6 22.Lb5 a6 23.Lxc6 Lxc6 24.Dc1 Lb5 25.e5 Lxe2 26.Txe2 b5 27.Tc2 Lf8 28.Tc7 De8 29.Dc3 b4 30.Dc6 Dxc6 31.Txc6 Ta8 32.Kf1 a5 33.Ke1 Kg7 34.Kd1 h6 35.Tc4 Tb8 36.Kc2 g5 37.Kb3 Ta8 38.Ka4 Kg6 39.g4 h5?! (hier neemt Boudewijn teveel risico in een gelijkwaardige stelling, een remiseaanbod was hier op zijn plaats geweest. Achteraf hoorde hij dat de remisebereidheid ook aanwezig was bij zijn tegenstander.) 40.h3?! (er wordt niet optimaal geprofiteerd, beter was 40.d5 exd5 41.Tc6+ Kh7 42.Lxg5) 40...hxg4 41.hxg4 Le7 42.Tc7 Ld8?! (Na 43.Td7 en 44.d5 verliest zwart opnieuw de pion op g5) 43.Tc5?! Lb6 44.Tc6 Ld8?? (hier had zwart de loper moeten dekken met 44.Tb8)
45.d5 (zwart kan niet slaan vanwege de penning) 45...Kg7 46.d6 Kf8?? (en hier geeft Boudewijn de partij definitief weg, 46....Tb8 had de boel nog wat opgehouden) 47.d7 Ke7 48.Tc8 Ta6 49.Lxg5+ 1-0


Al met al helaas kansen op de winst laten liggen. Maar voor deze tegenstander hoeven we in de competitie niet bang te zijn.

Van der Linde    1656 - Lewenborg 2         1611 2½ - 1½
1.Ardin Bosboom  1847 - Rudy Frieswijk      1720 1  - 0
2.Jarek Krawczyk 1700 - Douwe Pol           1699 ½  - ½
3.Sander Kletter 1644 - Jan Schut           1529 0  - 1
4.Jan Oord       1432 - Boudewijn Hoogeboom 1496 1  - 0